vaderenzoon.jpgIk vaar samen met mijn vader de botter terug naar Elburg. We worden door Teunie gebracht. Er ligt nog een botter tegen onze botter aan, dus eerst die maar even verleggen. Precies om twee uur verlaten we de nieuwe bovenhaven. Mijn vader is opgegroeid in Kampen, dus komen alle verhalen voorbij van zijn jeugd. Het is lang geleden dat mijn vader op de IJssel heeft gevaren. Alle inhammen en haventjes hebben een verhaal en mijn vader geniet er erg van. Na een uur varen zijn we op het Ketelmeer en na nog een uur zijn we door de sluis bij Roggebot. Het gaat veel sneller dan we gedacht hadden, dus besluiten we nog even te gaan zwemmen. Ik zwem even een paar rondjes en klim dan weer aan boord. We maken nog even een praatje met iemand die daar ook ligt. We drogen ons af en ik start de motor. We duwen de boot van de kant af en varen dan richting de haven van Elburg. In het kanaal is het rustig varen en om kwart over vijf liggen we weer op onze plek. Teunie staat ons al weer op te wachten. Karel klimt nog even op de planken om de lus over de paal te gooien. We ruimen alles op, sluiten het deurtje en stappen van boord.

In de tuin lekker spelen in de zon met de nieuwe aanwinst, de glijbaan. Door water op de glijbaan te spuiten, kun je wedstrijd spelen wie het verst kan glijden. En dat op de langste dag van het jaar.

glijbaan2.jpg glijbaan1.jpg

Ik word gewekt door Floris met de mededeling dat hij iets voor vaderdag gemaakt heeft. De andere jongens doen er niets aan en gelijk hebben ze. Al dat commerciele gedoe. Ik pak de kado’s van Floris uit. Ik krijg natuurlijk een mooie tekening en een spaarpot. Kan ik goed voor hem sparen zegt hij erbij. Mooie tip van een jongetje van vijf jaar!

ettiestuurt.jpgWe gaan een dagje uit met het bestuur van de Natuurvereniging Eigenaren Oude Land. Deze vereniging spant zich in voor het behoud van hun eigendom aan de oude kust van Elburg.

Vorig jaar zijn we als bestuur naar het Ketelmeer geweest en nu een dagje Harderwijk. Het wordt volgens de berichten een mooie warme dag met één minpunt, er zal geen wind zijn. Er is afgesproken om kwart voor tien bij “De Haas” in Elburg. Eerst gaan Karel en Floris naar de buren en Coen gaat naar een vriendje. Daarna rijden we naar Elburg. Ik zet Teunie af bij het restaurant en rij zelf door naar de botter. Even op mijn gemak de botter vaarklaar maken. Om kwart voor elf komt het gezelschap aan boord. Ik start de motor en we vertrekken. We varen langzaam het kanaal uit richting brug. Er ligt al een boot te wachten, maar voor de zekerheid bellen we zelf de brug ook nog even. Je moet een nummer bellen en krijgt dan de brug-automaat aan de lijn. Er zit geen brugwachter meer op de brug, maar alles wordt op afstand bestuurd vanuit Harderwijk.

oudschip.jpgWe varen richting Harderwijk als we bij Bremerberg een erg oud zeilschip tegemoet varen. Het is een replica uit Utrecht. Zeker onderweg naar een evenement van oude schepen.

Op de één of andere manier lijkt het wel of er iets met de motor aan de hand is. We varen gestaag door, maar het lijkt wel of iets de botter tegen houdt. Er is veel wier dus misschien hebben we daar veel last van. Ik sla zo nu en dan maar eens flink achteruit en dan gaat het wel weer. Het was de bedoeling om rond een uur of half één aan te komen in Harderwijk, maar door dat oponthoud wordt het een uur later. Ik stel voor op maar direct door te varen naar het Wolderwijd en daar de zeilen te hijsen. Er is ondertussen een briesje gekomen. Mijn voorstel blijkt te voorbarig. Er zijn twee mensen die in Harderwijk af willen stappen. Dus toch maar even de haven in. We leggen aan, de twee mensen stappen of en er is plotseling een klein opstootje. Er is een misverstand. Iedereen is verbaasd als Frits plotseling de sleutels in de boot gooit en ons verlaat met de tekst “ik ga naar huis”. fritsstuurt.jpgWij blijven verbijsterd achter. Niemand weet natuurlijk precies wat er gebeurd is. Roel en Ettie lopen nog even achter Frits aan, praten nog even met hem bij het brugje en zij komen terug met de mededeling dat Frits na een half wel terug komt. We nemen het er dan maar even van. Iedereen eet zijn broodje en er wordt ijs gehaald. Na twintig minuten komt Frits terug en vertrekken we richting Wolderwijd.

Ik hijs samen met een aantal mensen het grootzeil en de fok. Daarna de motor uit. Elke keer geniet je dan weer van de rust. Geen motor lawaai, alleen maar gekabbel van water. Frits neemt het roer van Gerrit over en we gaan met een redelijk gangetje richting Zeewolde. windindezeilen.jpgIedereen zit lekker op de plecht (voordek) in de schaduw van de fok. De wind neemt iets toe (windkracht drie) en draait iet richting noorden. We moeten rond half zeven weer bij de brug van Elburg zijn en het duurt toch nog weer zo’n anderhalf uur voordat we er zijn. We kijken op ons horloge en besluiten rond vier uur terug te gaan naar Elburg. Vlak bij het aquaduct laten we de zeilen vallen. Ik rol de fok op en zoek even het huikje op. Sjoerd helpt mij even. Gerrit zet ondertussen de huik over het grootzeil.

Na ruim een uur varen liggen we voor de brug bij Elburg. We bellen en tien minuten later varen we het kanaal van Elburg weer in. We ruimen de boel op, sluiten de botter aan op de stroom en vertrekken richting “De Haas”. We sluiten de gezellige dag of met een etentje.

gouddoordepoort.jpgWe hebben gereserveerd, maar binnen is het erg broeierig. We besluiten lekker buiten te blijven. Ik bestel een lekkere Zeetong. Ik ben erg gek op vis. Rond negen uur zijn we klaar. We nemen afscheid en lopen naar de auto. De zon schijnt onder de Vischpoort door en het lijkt wel of er goud op de weg ligt. We stappen in de auto en kijken terug op een gezellige dag.

nobel.jpgEen tijd geleden met collega’s afgesproken om met de botter te gaan varen op het Ketelmeer. We hebben op het werk de hele week een Amerikaan op bezoek en het leek een goed idee om op woensdag even te onthaasten.

Ik breng samen met mijn zwager en Robert (mijn collega) de botter van Elburg (vaste ligplaats) naar Ketelhaven. Een tochtje van ruim 2 uur. Ik regel eerst om kwart over acht nog even de catering. Wat bolletjes en drinken voor tussen de middag. Robert wordt gebracht door zijn vrouw met de auto. We vertrekken om 9 uur en gaan eerst nog even langs bij de visboer. We halen wat haring met uitjes. Is echt iets voor op de botter. We zijn vroeg bij de botter en we rijden nog even door naar het landje. Het is er erg primitief (geen gas, water en elektriciteit), maar het is altijd even leuk om er te zijn. Robert vindt het er erg leuk. Het is echt kamperen. We rijden terug naar de botter. We stappen op de botter en we gaan. We starten de motor en maken de botter los. We varen weg richting Roggebotsluis.

We liggen een paar minuten te wachten als we de sluis invaren. Soms moet je hier gewoon 20 minuten wachten, maar nu gelukkig niet. Na de sluis gaan Robert en ik de bolletjes vast klaar maken. Kunnen de collega’s gewoon aanvallen. We hebben kaas en ham.

Het is prachtig weer. We varen lekker langs de dijk en we zijn precies om half één in Ketelhaven. De collega’s staan al op de steiger te wachten. Ik hoor dat ze er ook net zijn, dus de timing is weer perfect. Iedereen stapt op en we vertrekken. De bolletjes eten we buitengaats op. Robert is de ober en geeft iedereen melk of karnemelk.

zeilenbijzetten.jpgWe varen richting de Ketelbrug. De wind is erg zwak (windkracht 3), maar volgens de berichten komt er ’s middags iets meer wind. Mijn collega’s helpen met het hijsen van de zeilen en na enkele minuten staat het grootzeil. We hijsen de fok nog op en dan kan de motor uit. Dat is altijd weer een mooi moment. Eindelijk rust en alleen nog maar het geluid van kabbelend water langs de boot. Howard (de Amerikaan) neemt het roer over en hij geniet ervan. We varen wat heen en weer op het Ketelmeer. Na een tijdje moeten we overstag. De fok moet naar de andere kant en het ene zwaard moet uit het water en het andere zwaard moet in het water. Het zwaard uit het water halen kost moeite. Het is een handigheidje om het zwaard eruit te krijgen. Het zwaard moet in één keer over de klamp en dan gaat het vanzelf. Lukt je dat niet, dan is het erg inspannend. Mijn collega Peter gaat het gevecht aan. Na een aantal keren overstag lukt het hem. Het lijkt een overwinning en dat is het ook.

samenwerken.jpgWe varen dicht bij de Ketelbrug en door het heldere weer kun je Urk goed zien liggen. Howard is vele jaren geleden wel eens op Urk geweest. Urk was toen nog een eiland met één weg er naar toe. We gaan voor de wind terug naar Ketelhaven. De wind is wat aangetrokken en we varen toch gewoon zo’n 6 knopen. (zo’n 15 km per uur.). Lijkt niet erg hard, maar voor een 18 ton zwaar schip is het een mooie snelheid. We komen om kwart over vijf weer aan in Ketelhaven, waar we in het restaurant “Lands-End” aan het captain’s Dinner gaan. De ober komt nog even zeggen dat er één van de twee koks ziek naar huis is gegaan. Het kan dus allemaal iets langer duren. We willen rond zeven uur weg, zodat we dan mooi voor het donker thuis zijn. De botter heeft geen verlichting, dus varen in het donker is echt af te raden. We krijgen de menukaart en er staan toch veel lekkere keuzes op. Uiteindelijk ga ik voor de Noordzee tong. Het smaakt goed en zeven uur is geen reele tijd meer. Het loopt toch wat uit en om acht besluiten we toch maar te vertrekken. Het toetje of kopje koffie zit er niet meer in.

Eénmaal op het water maakt me dat ook niets meer uit. Ik geniet altijd van de luchten en van de stilte om ons heen. Rond deze tijd (acht uur) is er meestal niemand meer op het water.

Bij roggebotsluis is er nu zelfbediening. Door op de knop te drukken, wordt de brug vanuit Lelystad bediend. Op een veel te wazig bord staat dan dat je gedetecteerd bent en dan is het wachten. Eerst moet de brug open en daarna lig je meestal nog zo’n 10 minuten in de sluis te wachten op het sluiten van de deuren. Het verval is maar zo’n 20 cm, maar toch moet er geschut worden. Uiteindelijk gaan de deuren weer open en kunnen we richting Elburg.

zonsondergang.jpgHet licht wordt al minder en de schemering treedt in. Altijd een erg mooi moment. Om kwart over tien varen we de haven van Elburg in. We leggen de botter op zijn eigen plek en we kijken weer terug op een schitterende dag varen. Ik breng Robert nog even naar Zwolle en ben om kwart over elf weer thuis. Ik drink nog even een glaasje karnemelk en stap voldaan mijn bed weer in. Dit is voor herhaling vatbaar.

landhuismolecate.jpgVolgende week wil Teunie een fietspuzzeltocht voor haar klas houden. Ze heeft samen met een andere juf groep 5 en ze vieren volgende week de gezamenlijke verjaardag. Gezellig fietsen naar de leemcule met 14 kinderen.

We gaan met z’n drieen (Floris, Teunie en ik). Floris gaat mee om de foto’s te kunnen maken en wil daarom eigenlijk het liefst achterop zitten of nog leuker op de stang.

We fietsen weg en de lucht is erg dreigend. Maar meestal valt het reuze mee en dat geldt nu ook. We gaan richting snelweg en maken onderweg foto’s van dingen waar je wel een vraag bij kunt bedenken. Na 15 minuten fietsen we het landgoed molecate op. Een schitterend landhuis (was vroeger een bouwval en te koop voor 100k gulden). Het is daar echt landelijk. landelijk.jpg

De watermolen draait niet, dus het water van de beek stroom gewoon over het plateau. De beken zijn allemaal aangelegd om de molen van water te kunnen voorzien. Nu lijken de beken echt alsof ze er altijd al gelegen hebben.

We fietsen verder en gaan nog even nog het spijkergebouw. Een spijker was vroeger een opslagplaats voor graan. Deze spijker in Hattem is gebouwd rond 1640 en dus erg oud.

spaansegraven.jpgNaast het spijker kun je een voetpad op naar de ‘Spaanse graven’. Dit is een verdedigingsschans met wal en gracht er omheen, die tijdens de 80 jarige oorlog werd gebruikt. We lopen er rond en we soppen over de vele lagen beukenoten. Je mag niet over de wal lopen en gezien de borden gebeurd dat dus wel. Op veel bomen hebben mensen hun naam achergelaten. Leuk is dat ik dat vroeger ook deed.

We stappen weer op de fiets en fietsen verder naar de Leemcule. De Leemcule is denk ik ontstaan voor zandwinning voor de aanleg van de snelweg, maar door de erosie lijkt ook hier of het een natuurlijk gat is. Floris rent het gat in en aan de overkant weer omhoog.

leemcule.jpgOnderin de leemcule staat een plas water (grondwater) en het ziet er vies groen uit. Vroeger maakte ik iedereen wijs dat er een krokodil in zwom. Uiteindelijk geloofde ik het zelf ook. Nu ziet Floris de ogen van de krokodil ook en hij ziet ook erg veel kikkers. De kikkers hoor je wel, maar je ziet ze niet.

We gaan naar huis. Floris is moe geworden van al dat rennen en de donkere luchten razen over de Leemcule. We fietsen binnendoor terug naar huis. Met het huis in het vizier regent het uiteindelijk toch nog een minuutje. We schuilen even onder een grote boom. We hebben leuke foto’s voor de puzzeltocht gemaakt en net als ander keren zeggen we tegen elkaar dat we dit toch echt vaker moeten doen.