kaartVandaag op uitnodiging van Lasent een dagje zeilen op “De Verwisseling” (Slideshow). De Verwisseling is een tjalk. Om 8 uur sta ik op de parkeerplaats van Windesheim en wacht ik op mijn collega Willem. We moeten in Muiden zijn en we zullen ongetwijfeld in de file staan. We hebben echter geluk. We rijden zonder oponthoud in iets meer dan een uurtje naar Muiden. De parkeerplaats is nog leeg.

We lopen richting de haven en drinken even een bakje koffie bij Ome Ko. Om kwart voor tien melden we ons bij de Verwisseling. De koffie staat klaar. De schipper is een vrouw, de maat is een vrouw en de bediening wordt gedaan door een vrouw. We zitten dus op een vrouwenboot. Niets mis mee, maar er zijn niet veel vrouwen die zeilen en al helemaal niet die een eigen boot hebben.

Er staat een mooi windje. We gaan door de Zeesluis en na 5 minuten varen ben je al op het Markermeer. In het kanaal worden het grootzeil en fok gehesen en varen we richting “het houten paard” van Marken. Het houten paard is een vuurtoren. We lopen zo’n 6 à 7 knopen. Valt mij niet tegen.

Hans aan het roerCockie (de schipper) vraagt wie er wil zeilen. Ik wacht even af, maar er is niemand die wil. Dus dan offer ik mij maar op. De tjalk stuurt vrij direct. Het is even iets anders dan de botter, maar na een paar minuten ben ik er aan gewend. Ik maak een aantal foto’s van “Het houten paard” en dan moeten we overstag. De schipper en de maat zeggen dat het kan. Ik stuur de kop tegen de wind, maar het gaat wel erg snel. Eigenlijk te snel. Het gaat nog maar net goed. Snel de motor erbij en weer even aan de wind zeilen. Bij de tweede poging gaat het goed. Zo’n tjalk gaat dus veel sneller overstag dan een botter. Weet ik dat ook weer.

 houten paard houten paard

We varen naar Uitdam, een klein plaatsje (waar ook Katja Schuurmans woont). Het dorp Uitdam ligt langs de Waterlandse Zeedijk ter hoogte van de Uitdammer Die. Er wonen in Uitdam ongeveer 150 mensen. Er is een hoge steiger en we leggen aan. De lunch wordt geserveerd. Een aantal van de gasten drinkt een biertje of rookt een sigaartje in het plaatselijke cafe “De scheepskameel”.

 Uitdam Uitdam

Omdat de wind behoorlijk toegenomen is leggen we een rif in het zeil. We gaan nog steeds iets meer dan 7 knopen. Het rif is dus echt nodig. We varen richting Pampus waar we om drie uur zijn. We leggen aan en gaan aan land. “De Verwisseling” gaat voor anker liggen in de luwte van het eiland.

Op Pampus krijgen we een rondleiding. Dit fort is halverwege de 19e eeuw aangelegd als onderdeel van de stelling van Amsterdam. In de tweede wereldoorlog is het opgeblazen door de Duitsers vanwege het vele staal en koper wat aanwezig was. De Duitsers konden het goed gebruiken voor hun eigen oorlogsindustrie.

 Pampus Pampus

We gaan weer aan boord en zeilen op het fokje terug naar Muiden. De hele dag was het droog, maar er komt toch een buitje aan. Er komt zo’n mysterieus sfeertje daardoor op het water. In de haven van Muiden is de regen voorbij. Ik vaar de tjalk de sluis in. Het einde van een grandioze zeiltocht. Wat gaat de tijd toch snel als het leuk is.

We nemen afscheid van de schipper en haar maat en gaan naar het restaurant voor het diner. Het is gezellig. Aan het plafond hangt een skif. Zie je toch niet vaak. Om kwart over negen gaan we terug richting parkeerplaats. Ik zet Willem af bij de parkeerplaats van Windesheim en ben half elf thuis.

webalbum: De Verwisseling

Tongerense HeideVandaag een fietsdag (slidehow). Gezellig met z’n tweeën fietsen. We gaan kijken hoe de heide bloeit. We stappen rond 10:15 op de fiets en fietsen dan richting de Dellen. We volgen de bordjes richting Tongeren. Het weer is redelijk, maar er is wel een harde wind.

Om half twaalf zijn we bij de Ossenstal. Het dak van de Ossenstal bestaat uit gras en mos. Een prachtig gezicht. We drinken een lekker bakje Cappucinno en fietsen daarna weer verder richting Tongeren. Om half één zijn we dan op de Tongerense Heide. Ergens op de vierhoutenweg staat een ijscoman en we kopen een lekker ijsje. We hebben geen geld meegenomen en midden in de bos kun je natuurlijk niet pinnen. We hebben nog 2 euro 80 en daar kopen we een ijsje van. De overgebleven 30 cent gaat in een spaarpot voor een hond. Geen idee meer wat voor een hond.

 Tongerense Heide Tongerense Heide

Dan beginnen we aan de terugweg. We volgen de borden van het Fietsroutenetwerk richting Epe. We fietsen van het ene nummer naar het andere nummer. Ik vind het een onlogisch systeem, maar op de site staat dat het ontworpen is voor de mijnen. En daar werkte het uitstekend.

Om kwart over twee zitten we lekker bij de Posthoorn in Epe. We bestellen een speciaal Posthoorn broodje. Overheerlijk is het broodje. Het weer betrekt en we besluiten de korste weg naar huis te fietsen. We fietsen eerst nog een stukje over het oude treinlijntje van Hattem naar Apeldoorn (en terug natuurlijk). We komen uit in het centrum van Heerde. Daar fietsen we dan naar de stationsweg die weer in Wezep uitkomt.

HazelwormBij een parkeerplaats langs de Stationsweg ziet Teunie in eens een slang(etje) op de weg liggen. We denken dat het een Hazelworm was. Nadruk op was, want hij is dood. Er is een stukje van zijn staart af. Waarschijnlijk is er een wielrenner over heen gefietst.

Het laatste stukje naar huis begint het dan toch nog te regenen. Eigenlijk meer motregen. Het was een leuke dag. We hebben zo’n 50 km gefietst in zo’n 3 uur en 20 minuten. Gemiddeld dus net iets meer dan 15 km per uur. Lekker relaxed gefietst. Moeten we vaker doen.

Webalbum: Tongerense Heide

Vader en zoonVandaag varen we de botter terug naar Elburg (slideshow). Op zaterdag lukt het nooit om vanuit Harderwijk naar Elburg te varen. Ondanks het feit dat de brug wel automatisch bediend zou kunnen worden, net als bij de Roggebotsluis, draait de brug maar tot 7 uur ’s avonds. Het systeem wordt dus niet gebruikt.

Mijn vader brengt ons naar de trein. We gaan met z’n drieen, Karel, Teunie en ik. Om 5 voor negen stappen we op de trein en we zijn 10 voor half tien in Harderwijk. We gaan met het busje (ziet er uit als een treintje) van het dolfinarium. Erg grappig om zo naar de haven van Harderwijk te rijden.

netjesDe botter ligt nog netjes op zijn plek en ik maak alles klaar voor vertrek. Karel haalt nog even een jerrycan water (handig voor de koffie enzo) en dan vertrekken we klokslag tien uur. Er staat een klein windje (windkracht drie) en de zon schijnt mager. We besluiten eerst even een stukje te gaan zeilen op het Wolderwijd. De wind komt uit het NoordWesten. We zeilen dus zo richting Zeewolde. Soms staan we stil, soms varen we vier knopen. Rond kwart voor twaalf laten we de zeilen zakken en gaan we door ‘de bak’ richting het Veluwemeer. ‘De bak’ is het aquaduct van Harderwijk.

De wind is nog steeds wisselvallig. Ik hijs na het aquaduct eerst alleen even de fok. Kan de motor in ieder geval weer uit. Na het eiland bij Harderwijk het grootzeil erbij en ook nu weer gaat het zo zijn gangetje. We genieten en eten gezellig onze Sonja Bakker lunch (Goulash soep, Broodje gezond en Optimel drinkyoghurt). Zelfs op het water worden we achtervolgd door Sonja.

Karel aan het roerWe zeilen langs Pier-eiland. De wind wakkert nog weer aan en we halen toch nog zo’n 3 knopen. Niet hard, maar toch. Zwemmend hou je het niet bij.

Bij Bremerbergerhoek is het gedaan met de wind. We laten de zeilen zakken en varen de rest van de reis naar Elburg gewoon op de motor. Het opvouwen van het grootzeil gaat niet helemaal goed en dat doen we dan maar even over als we in de haven van Elburg op ons plekje liggen.

Om vier uur liggen we op de plek. We handelen nog even de standaard zaken af (botter aansluiten op elektra enz.) en vertrekken dan richting de bus. Vandaag dus een openbaar vervoerdag (trein, Dolfinarium-busje en bus).

Als we op half vijf bij de bushalte aankomen, blijkt dat de bus nog maar één keer per uur rijdt en dat we dus pas 17:24 weer richting Wezep kunnen. Zolang willen we niet wachten. Ik bel mijn vader of hij ons niet op wil halen. Dat wil hij wel. Dan verschijnt er een busje van Piet van der Streek. Omdat ze de zuiderzeestraatweg aan het verbouwen zijn, komt er op deze plek helemaal geen bus meer. We krijgen vervoer aangeboden naar de rotonde bij de Eperweg/Zuiderzeestraatweg. Het is niet goed geregeld dus. Zelfs de chauffeurs die van vakantie terug kwamen wisten het niet. Die moesten het horen van de klanten.


We staan net 2 minuten aan de weg als mij vader er aan komt. Om kwart over vijf zijn we thuis. We hebben weer een leuke dag gehad. Voor herhaling vatbaar. We kunnen met z’n drieen de botter goed de baas.

Webalbum: Botter terug naar Elburg

De molenOm acht uur zijn we wakker. Om half negen is er bij de molen van Harderwijk een schippersontbijt. We zijn mooi op tijd. Om kwart voor negen zitten we aan het brood met spek en ei. Lekker vet en niet goed voor Sonja.

Ook nu is er weer om half elf een pallaver. We zijn te laat. Dit keer is de smoes “De brug stond open” geen smoes. We moeten wachten voor het brugje over de haven. Uiteindelijk horen we nog net de laatste 10 zinnen.

De wind is iets meer dan gisteren en zo nu en dan zit er een uitschieter bij. Het is net geen windkracht vier.  

Vandaag staat in het teken van de eszet-beker. Vijf steden (Urk, Elburg, Huizen, Harderwijk en Spakenburg) strijden om deze beker. De rest van de vloot vaart een vlootschouw tocht op het Wolderwijd. Komt er eigenlijk praktisch op neer dat het vrij zeilen is. Eind tijd is altijd vier uur, omdat er dan gesalueerd moet worden voor de admiraal.

Admiraal zeilenDe Admiraal tijdens deze 25e Visserijdag is mevrouw M.H.H.van Haaren-Koopman, gedeputeerde van de Provincie Gelderland. In de haven ligt dan een botter van Harderwijk (HK172) en je moet dan voor de admiraal je fok laten zakken en de groet brengen. Alle botters komen dan binnen op nummer. De opperspreekstalmeester maakt er altijd weer een heel festijn van. De mensen op de kade genieten er zichtbaar van.

Dan rond half vijf liggen we weer afgemeerd en verlaat het gezelschap ons weer. We ruimen nog wat op. Zetten de vuilniszak aan de kade en vertrekken richting de Italiaan. We gaan met beide families lekker uit eten. Ik neem een lasagne (heerlijk) en we drinken nog een bakje cappucino en laden dan de spullen weer in de auto. Maandag varen we de botter terug naar Elburg, maar voor vandaag houden we het voor gezien. We kijken weer terug op een fantastische dag.

Het ochtend glorenAan het eind van augustus is traditioneel de Harderwijker Visserijdagen. Dit jaar wordt het voor de 25ste keer georganiseerd. Ook wij zijn er weer. Donderdagavond rond een uur of zeven ben ik in Harderwijk. We pakken de slaapzakken uit de auto en parkeren daarna de auto bij de haven.

Het is een lekkere avond en we zitten gezellig te keuvelen op de botter. Om twaalf uur gaan we naar bed. Ik slaap goed. Ik bel Floris om kwart over zeven op om hem te feliciteren met zijn achste verjaardag. Ik ga daarna nog even liggen en rond acht uur zijn we weer aanwezig. Het zonnetje schijnt al goed, maar er is totaal geen wind. Dat is dan weer minder.

We gaan om half elf naar het pallaver (wedstrijd-info). We zitten in de raadszaal van het stadhuis van Harderwijk. Echt op stand dus. Alle schippers zijn er. Terwijl wij de wedstrijdbaan uitgelegd krijgen, wordt er in het restaurant “De haven van Harderwijk” de bedrijven gekoppeld aan de schepen.

Om elf uur staan de eerste gasten van het bedrijf al op de kade. We hebben “boer speeltoestellen“. De catering is al gebracht. De fotograaf maakt een foto van de bemanning met het bedrijf en dan vertrekken we naar de startplek op het Wolderwijd.

We liggen op startplaats 29. De wind is totaal weg. We liggen te dobberen rondom het anker en zo nu dan drukken we de botter even achter het anker. Dan klinkt op twaalf uur het startschot. We hijsen de zeilen (grootzeil en fok) en halen het anker uit het water. We liggen stil. De fok staat over stuurboord, het grootzeil over bakboord. Een wonderlijk gezicht. Naast ons begint de bemanning het schip vooruit te bomen. Het is ongeveer 1.5m diep dus dat is goed te doen. Wij laten het erbij. We dobberen en vragen ons af of we vandaag verder komen dan het eiland.

Onder de dijk zien we ineens een bootje wat wind krijgen en binnen een paar tellen is die windvlaag ook bij ons. Er is dan toch een beetje wind opkomst. De zeilen bollen en de botter begint te lopen. Niet hard natuurlijk, maar alles beter dan een hele middag op dezelfde plek drijven. Ik schat dat het tussen windkracht 2 en 3 inzit.

We halen het eiland niet in één keer. We gaan overstag en hebben de zeilen over stuurboord. In een druk veld met boten is dat altijd opletten geblazen. Als je de zeilen over bakboord hebt dan heb je voorrang. Het betekent dus dat wij als het zo uitkomt moeten uitwijken voor botters die de zeilen over bakboord hebben. We wijken één keer uit voor de EB 1 en moeten overstag gelijk met de UK12. We liggen nu gunstig voor het eiland. We draaien op het eiland heen en de wind trekt iets aan. We liggen rond de 16e plek in het wedstrijdveld. We lopen de eerste botters al weer voorbij. We moeten met ruime wind richting de boei bij Zeewolde. Het begint nu op een wedstrijd te lijken.

Bij de boei moeten we gijpen en het is even een spannende situatie. Er komt een botter tussendoor en wij moeten wijken. Maar het komt allemaal weer goed. We liggen goed op koers. We lopen nog wat botters voorbij, maar als we dicht bij de finish komen, neemt de wind weer iets af in kracht, waardoor we net niet de GT13 kunnen pakken. We worden afgeblazen op de 11e plek in het veld. We zijn tevreden. We laten de zeilen zakken en besluiten even lekker te gaan zwemmen. Een aantal mensen van boer speeltoestellen en een deel van de bemanning springen in het toch wel frisse water.

Rond half vijf zijn we terug in de haven van Harderwijk. Er kan nog een drankje genuttigd worden in “De haven van Harderwijk” waar ook de uitslag bekend zal worden gemaakt. Ik ga samen met Karel naar huis, omdat Floris vandaag acht jaar geworden is. Rond 10 uur zijn we weer terug. Ik ga nog even met Karel naar de skatebaan. Hij wil mij nog even wat stunts laten zien en daarna naar bed. Morgen weer een dagje zeilen, maar dan iets vrijblijvender en met relaties van de Stentor.

Na twee weken op het landje te zijn geweest moet alles weer terug naar Wezep. Als je in het buitenland op vakantie bent, dan blijft de hoeveelheid spullen wel ongeveer gelijk. Nu we in Elburg zitten, rij je heel makkelijk even naar huis. Dus alles wat je thuis hebt, staat uiteindelijk ook op het landje en dat moet dan de laatste dag ook allemaal weer terug naar huis.

Eerst gaat de luifel van de voortent, dan de voortent zelf. De voortent gaat in delen. Eerst alle zijkanten en voorkanten er uit ritsen en de flappen en ramen goed schoonmaken. En wat er dan allemaal wel in de voortent staat.

Dan alles in het karretje. De ladder (handig voor de hoge takken), de grasmachine (handig voor het gras en deed dienst als stofzuiger) en nog een paar ander dingen.

Het is een prachtige dag voor opruimen. Het is een aangename temperatuur (21 graden) en een beetje bewolkt. Beter dit weer dan dan je met 30 graden in de brandende zon alles maar weer in de caravan moet zien te krijgen.

Om half vijf zijn we klaar. We eten nog op het landje en ergens rond half acht rijden we bepakt en bezakt terug naar Wezep. Zelf ga ik op de fiets terug. Lekker even ontspannen van de hele dag. Het is net geen 16 km en onderweg kom ik de familie nog tegen die bij Strijker in Oldebroek nog lekker een ijsje zitten te eten. 40 minuten later ben ik thuis.

Einde vakantie. Het gewone leven begint weer. Floris moet maandag al naar school. Het is niet anders. Volgend jaar weer verder.

Landje ElburgHet mooie van het landje bij Elburg is dat er altijd iets te doen is. Het vervelende van het landje bij Elburg is dat er altijd iets te doen is. Het is ideaal weer om lekker te snoeien.

Er staat een enorme boom bij mijn buurman waar de takken behoorlijk over mijn landje hangen. Het is een esdoorn en elk jaar hangen er duizenden zaadjes aan. Het zijn de bekende helicopter-zaden. Als ze van de boom vallen, zit er een soort zeiltje aan het zaadje waardoor ze als een helicopter naar beneden glijden.

takken wegbrengenEen deel van de takken wordt gebruikt voor de boomhut. De jongens slepen de een na de andere tak er naar toe. De boom die als boomhut dienst doet is al bijna dood, maar nu lijkt ie weer in volle bloei te staan. 

Ik rij twee keer naar de vuilstort. De eerste keer breng ik 200 kilo wel en de tweede keer 180 kilo. Dus zeg maar een kleine 400 kilo wat maar gewoon aan de boom hangt. Het levert in ieder geval veel licht op.

foto_00161.jpgWe worden gebeld door de broer van Teunie. Of we zin hebben om vrijdag een dag te zeilen met de botter. Zin hebben we altijd. De botter ligt in Ketelhaven en om ’s ochtends al vroeg te kunnen zeilen, gaan we slapen op de botter.

We pakken de spullen in en reizen af naar Ketelhaven. Het weer is goed. De wind is goed. We liggen in de buitenste haven. We slapen met 8 personen op de botter. Er moet even wat georganiseerd worden, maar uiteindelijk heeft iedereen een slaapplaats. Ik slaap samen met Karel gewoon buiten in de kuip onder een kleed. Het wordt een rustige nacht. Om acht uur zijn we wakker en na 15 minuten vertrekken we. De zon schijnt ons toegemoet. Wat een heerlijk moment. Onbetaalbaar zou je zeggen. Er is een redelijke wind en we zijn snel bij de Ketelbrug. Het duurt altijd even voordat de brug echt draait, maar we hebben geluk. We zeilen richting Urk, maar de wind wordt al maar minder. Uiteindelijk drijven we alleen nog maar.

Tijd om alle zeilen bij te zetten. We schuiven de kluiverboom naar buiten en hijsen de kluiver. Dan de bezaan er op, maar dat is nog een heel geknutseld voordat dat zeil staat. Na een uur dobberen trekt de wind weer aan en zeilen we Urk voorbij richting Enkhuizen. Omdat we voor half negen door de Ketelbrug moeten, besluiten we toch maar overstag te gaan en even op Urk een visje te gaan eten.

We bestellen een vismenu en lopen ook  nog even naar de plaatselijke Boni. Terug op de botter de  motor aan en buitengaats de zeilen er weer op. De vis is erg lekker. Om acht uur varen we onder de brug door en bespreken we waar we zullen overnachten. Aan het einde van de IJssel is een klein haventje en we kijken of daar nog plek is. Een botter heeft toch al snel een grote plek nodig, maar we hebben geluk. Er is nog precies een stuk aan de kade beschikbaar. Het lijkt wel een plekje ergens op een waddeneiland. Een strandje, schreeuwende meeuwen en veel brandhout. De jongens verzamelen veel hout en als het erg donker is, steken we de boel in de hens. Het levert een behoorlijke rookwolk op. De jongens vinden het prachtig. De mensen in de haven vinden het minder prachtig. Dus maken we het vuur uit en kruipen onder de wol.

Ook nu worden we weer rond acht wakker. We hebben een ontbijt en ruimen alles weer op. Het zit er weer op. We varen richting Ketelhaven, waar de broer van Teunie de volgende gasten al weer aan boord krijgt.

Wij rijden terug naar Elburg waar onze caravan op ons staan te wachten. Een mooier begin van de vakantie kon ik mij niet voorstellen.