Wat een heerlijke vakantie was dit toch, maar helaas is het weer voorbij, maar gelukkig hebben we de foto’s nog. Hieronder alle foto’s op een rijtje en een overzichtskaartje van onze zwerftocht door Zeeland. Zo op het kaartje te zien zijn we echt door heel Zeeland geweest. Tiptop Sailing heeft dat dan maar mooi voor ons georganiseerd.

overzicht-ZeilZwerftocht

P1010030 Vandaag onze laatste dag. We moeten van Roger er gewoon niet aan denken dat het aan het einde van de dag echt is afgelopen. Dus dat doen we dan ook maar niet. Ik ben om kwart over zeven wakker en sta om half acht onder de douche. Ik ga na het douchen even met Teunie naar het zwemstrandje van Sint Annaland kijken.Teunie is er nog niet geweest. We maken met onze handdoeken de bank droog en we zitten samen lekker in de ochtendzon. Het wordt een schitterende dag als je de weerberichten mag geloven.

Ook Roger gaat even douchen. Hij hangt zijn rugzak al vast in de douchcabine en moet dan toch even naar de WC, Als hij terugkomt heeft iemand zijn tas buiten gezet en die staat nu te douchen. Het moet ook niet gekker worden met die zeilers. Roger trekt zichzelf omhoog. De man schrikt zich een hoedje dat er iemand over het deurtje meekijkt. Dat zal hem leren.

We eten weer lekker buiten. Dan komen Karel en Coen met de meisjes van gisteravond aanlopen op de steiger. De meisjes stellen zichzelf voor, de één is 16 en de andere 13, ze komen uit Emmen en we nodigen ze uit om even op de boot te komen zitten. Na enig aandringen doen ze dat. Het zijn twee hele leuke meisjes (good looking) en ze vinden het maar niets aan in Sint Annaland en dan met name de camping. Hun huisje is misschien wel leuk, maar er is in Sint Annaland helemaal niets te doen voor twee van die leuke meisjes.  We vragen of de meisjes het leuk vinden om mee te gaan naar Willemstad. Ze sturen een sms-je naar de vader (die moet ze daar dan weer ophalen) en het antwoord is een duidelijk nee. Achteraf gezien ook wel goed dat het niet mocht. Dan vertrekken we. De meisjes zwaaien ons uit en Karel en Coen sturen ze daarna nog diverse sms-jes.

P1010065 P1010066

We hijsen de zeilen en varen aan de wind richting de krabbersluis. Het gaat nog best lekker. Er staat niet veel wind, maar we varen toch nog een kleine 6 knopen. Bij de krabbersluis moeten we over een zout-zoetwater drempel in de sluis. Die drempel ligt nu op 2 meter 22. Onze kiel steekt 2.20m. Twee centimeter speling is niet veel maar speling is het wel. Dan zakt de drempel (eigenlijk het water) naar 2.12m. Nu kunnen we niet meer doorheen en moeten we wachten op hoogwater en dat is over 4 uur. Roger belt nog even met de eigenaar en we steken 2.10m. Dus toch nog 2 cm speling. We varen heel erg rustig de drempel over. We horen niets en dus zijn we er over heen. Wat een geluk. Als we in de sluis liggen zien we het water nog dalen naar 2.06m. Dus 10 minuten later in de sluis en we hadden er niet meer ingekund. Wat en timing van onze Roger.

Op het Volkerak  rollen we de fok op en hijsen we de gennaker, een heel mooi dun a-symmetrisch zeil. Als de gennaker gehezen is lopen we op slag 3 knopen harder. Wat een mooi gezicht zo’n groot zeil voorop de boot.

P1010108 P1010109

Bij de folkeraksluisen strijken we voor de laatste keer de zeilen en nu vouwen we ze erg netjes op. Na de Volkeraksluizen varen we naar het bunkerstation waar we voor een kleine 60 euro diesel tanken. Valt mij reuze mee. Dan naar de jachthaven “De batterij”, de thuishaven van de Dufour 40. Er ligt nog wat cola op de tafel en Roger wil graag dat  Karel dat even schoonspoelt. De eerste emmer gaat over de tafel de tweede emmer krijg ik over mij heen. Leuk grapje van Karel. Iedereen moet er in ieder geval hard om lachen. Ik ook wel hoor, maar ik was zo geconcentreerd dat ik het niet zag aankomen. Ik droog vanzelf wel weer op. Karel vaart de Faro de box in. Best een lastige box en het lukt Karel dan toch maar. Als de boot goed vastligt, gooien we al spullen in een karretje en daarmee is de vakantie definitief voorbij.

Roger maakt onze diploma’s voor elkaar: Teunie en Karel CWO1. Ikzelf CWO2. Eindelijk een zeildiploma. We nemen afscheid van Roger. We zeggen dat we contact houden en rijden met elkaar in net geen 2 uur weer naar Wezep.

We zijn moe maar voldaan. We kijken terug op een schitterende week zeilen met een hele leuke schipper. Als het kon had ik zo nog een week er aan vastgeknoopt. Ik ben deze week ook wel een beetje van botterboy verhuisd naar dufour40boy. Zo’n jacht is dan misschien wel van plastic, maar wat zeilt dat fantastisch. Als ik morgen het geld had, kocht ik gisteren zo’n boot.

Nu weer terug naar de werkelijkheid, maar gelukkig hebben we de foto’s nog, zal ik maar zeggen.

P1000983 Vandaag is het begin van het einde. We gaan vandaag naar Veere en daarna naar Sint Annaland. We moeten echter ook nog boodschappen doen. Al het eten en drinken is op en zondag moeten we de boot inleveren en dan wat we opgemaakt hebben wat in de boot aanwezig was. weer aanvullen. We komen in gesprek met onze buren. Gisteren hadden zij aangeboden dat Teunie en Roger wel de vouwfietsen even mochten lenen. We willen eigenlijk liever al afvaren richting Veere en daar dan boodschappen doen. We vragen de havenmeester of er ook een supermarkt in Veere is en dat blijkt niet zo te zijn. Wij kunnen ons dat niet voorstellen en vragen het nog even na bij onze buren. Die bevestigen dat Veere leuk is, maar dat er echt geen supermarkt is. Daarmee komt het bezoek aan Veere geheel op de tocht te staan. Dan gaan we liever zeilen op de Oosterschelde. Onze boot met 2.20 diepe kiel is toch eigenlijk niet zo geschikt voor het kleine Veerse Meer. We nemen een besluit en gaan voor de Oosterschelde. We bedanken onze buren nog even voor het aanbod van de fietsen en maken ons dan klaar om te vertrekken. Dan volgt er nog een heel gesprek over onze vakantie en dat we les krijgen van Roger en dat ie ook slaapt op de boot en aan het einde van het gesprek vraagt de man aan mij: “En hoe is dat nou zo met zo’n vreemde man aan boord?”. Ik zeg dat het ons heel erg bevallen is met Roger. Aan zijn gezichtsuitdrukking te zien, snapt hij dat antwoord niet helemaal.

We varen naar de sluis van het Veerse Meer en daar  gaan we op de fok richting Oosterschelde. Het weer is goed en de wind waait nog steeds behoorlijk (20 knopen ware wind). We varen alleen op de fok, omdat we nog moeten ontbijten en we rustig willen zeilen. Na het ontbijt zeilen we rustig voor de wind richting Yerseke. Het is vandaag onze Oosterschelde dag. Als we bij Yerseke aankomen (ongeveer) gaan we weer terug naar de Zeelandbrug. We varen lekker scherp aan de wind. Hebben nog last van een buurman zeiler. Hij heeft de zeilen over bakboord en dus voorrang. Wij moeten iets voor hem wijken en als we dat dan gedaan hebben, gaat hij echt pal voor ons overstag. Het lijkt erop dat hij ons eruit wil zeilen, maar wij lopen vele malen hoger aan de wind. Bij de Zeelandbrug aangekomen draaien we het Keeten of mastgat in. Eigenlijk is nu onze terugtocht begonnen. Nu zijn we op weg naar huis met een tussenstop in Sint Annaland.

Rond half vier varen we de haven van Sint Annaland binnen. We hebben via de marifoon een boxnr (A10) toegewezen gekregen en die zoeken we even op. Karel vaart achteruit volgens procedure de box en het gaat erg goed. We tanken nu direct ook maar even water en leggen de boot weer op de walstroom. Teunie en Roger gaan naar de plaatselijke C1000 om de boodschappen te halen voor de boot en de zondag.

P1010008 P1010012

Teunie en Roger komen terug met een winkelwagentje vol met boodschappen. Bij het hek aangekomen past het er ook maar net tussendoor (wel wrikken hoor). We rijden de kar de steiger af, is nog knap lastig maar het lukt uiteindelijk wel. We geven de boodschappen via via aan elkaar door en dan is alles weer aangevuld op de boot en hebben we morgen ook nog wat te eten. Karel en Coen brengen het karretje naar de winkel terug (pokke eind, maar is niet anders).

Ondertussen maakt Teunie de ‘al-de-hele-week-beloofde’ pannekoeken. Als we buiten de tafel optrekken en we het woord pannekoeken nogmaals uitspreken reageert een buurjongetje zo van lekker pannekoeken. We nodigen hem uit en hij eet zijn pannekoek bijna helemaal op. Zo komen we ook een beetje aan de praat met zijn vader en moeder (bootnaam: Karel met de houten poot). We vinden het een schitterend schip en hadden het schip ook al eens ontmoet op het eiland de Archipeel in het Grevelingenmeer. We mogen gerust even binnen een kijkje komen nemen en dat aanbod nemen we direct aan. Het is een supersnelle zeiler en binnen is het functioneel ingericht. De eigenaar zegt dat de boot op het hardst zo’n 22 knopen kan lopen.

De kinderen gaan na het eten zwemmen en dan gaat Roger voor de laatste keer voor ons koken. Hij gaat mosselen klaar maken. We hebben 4 kilo mosselen, dus we hoeven elkaar niet aan te kijken. Het is uitermate gezellig zo in ons eigen restaurant op de Dufour 40. Jammer is wel dat we na het eten zelf moeten afwassen maar dat mag de pret niet drukken. Het is nog een prachtige avond en we zitten tot ‘s avonds laat lekker in de kuip.

P1010016 P1010018

De jongens hebben ondertussen twee meisjes ontmoet en nadat ze Floris naar huis hebben gestuurd blijven ze de hele avond nog bij de meiden hangen in de bungalow. Om kwart over twaalf komen ze binnen, Ze hebben weer veel verhalen. Ik ga naar bed en morgen terug naar Willemstad. De laatste dag van ons zeilzwerftocht.

P1000883 Ik ben om zeven uur wakker. Ik heb goed geslapen en ga lekker even douchen. Om acht uur zijn we klaar om te vertrekken. We hebben de pakken weer aan en varen weer op een gecontroleerde manier de box uit.. Het bruggetje over de keersluis van Vlissingen gaat open en de havenmeester wenst ons nog een prettige dag toe. Wij wensen hem nog een leuke werkdag.

We varen eerst op de motor naar de overkant naar Breskens. Daar gaan we even in de jachthaven liggen. We willen de stroom mee hebben en moeten dan nog minstens een uurtje wachten. Maar dat geeft ons niets. Hebben we mooi even de tijd om nog te ontbijten.

We lopen wat over de steigers te kijken naar de enorme mooie en grote jachten aan de steigers, als er een Belgische dame op ons afkomt en vraagt of wij misschien een haspel hebben. Zij hebben een probleempje en hebben de electriciteit in de wagen laten liggen in Antwerpen. Tuurlijk hebben wij dat. Roger haalt de haspel op en we sluiten de stekker aan op de walstroom. Nu nog 50 eurocent erin en klaar is Kees. Hebben ze alleen 2 euro munten. Dus ook wij de 50 cent maar voorgeschoten, anders zou het nog veel langer duren. Na een kwartier is de Belg klaar en halen wij onze haspel weer op. Nu zijn we klaar om te vertrekken.

Teunie vaart uit dit keer. Roger legt nogmaals de procedure uit en Teunie vaart af van de steiger volgens het boekje. In de havenkom weer de zeilen hijsen en een reeff leggen en dan gaan de Westerschelde op. Het is niet erg druk met grote zeeschepen, maar op de zandbanken liggen wel diverse groepen zeehonden. Floris kijkt met de verrekijker en bij één groep ligt er zelfs een huiler bij. We vieren de zeilen iets zodat we langzamer gaan en dus langer kunnen genieten van het fantastische uitzicht. De fok klappert en daarmee worden de zeehonden iets opgeschrikt en ze besluiten in de zee te verdwijnen. Er komt net een schip langs met toeristen om de zeehonden te kunnen bekijken. Dat gaat nu niet meer. Maar ja, wij hebben ze in ieder geval gezien.

We gaan naar het kanaal van Zuid-Beverland. Dat kanaal brengt ons terug naar de Oosterschelde. We gaan door een sluis, Varen onder een brug door en dan barst de regen, onweer en hagel los. We moeten tot half vier wachten voor de volgende brug en we liggen net op tijd netjes aan de steiger (ook weer volgens procedure). Het onweer wordt nog iets heviger en we zijn blij dat we vastliggen.

Om dan het onaangename wachten ietwat aangenamer te maken, bakt Roger voor ons hamburgers. Dat gaat er goed in. Om half vier draait de brug en varen we verder en varen we het kanaal verder uit. Op de Oosterschelde aangekomen, wat een kort kanaal trouwens, beslissen we dat we nog even lekker gaan zeilen richting het Veerse Meer en dat we daar dan wel ergens een jachthaven opzoeken.

We hijsen de zeilen, halen het reef eruit en gaan redelijk scherp aan de wind richting het Veerse Meer. In de verte zeilt nog een schip en ik krijg van Roger de opdracht op binnen 10 minuten die boot ingehaald te hebben. 10 minuten heb ik niet gehaald, maar na 1x overstag had ik het zeilschip wel te ‘pakken’. Ondertussen wakkert de wind steeds meer aan en we gaan dan ook steeds schuiner. We lopen 7 á 8 knopen.  Roger komt helemaal los. Hij geniet. Je ziet het. Roger maakt nog even een paar foto’s door helemaal voorop bij de preekstoel te gaan staan en om Floris te laten zien dat je nu ook via de giek in de zeilen kunt liggen, laat Roger dat ook nog even zien. Floris vindt dat pas echt gaaf.

P1000951 P1000952

Floris vindt het zelfs niet meer eng dat we zo schuin gaan. En schuin gaan we. Soms lopen we dan uit het roer, maar dat is geen enkel probleem. Het schip gaat dan even ‘goedliggen’ en dan gaan we weer volle bak verder. We willen de zeilen gaan strijken als Roger ons nog even laat zijn hoe je het schip echt stil legt met de zeilen. We gaan overstag en laten de fok ‘bak’  staan en je laat de grootschoot vieren. De boot gaat nu lekker in de wind liggen en blijft ook min of meer op dezelfde plek. Stel dat er iets gebeurd is dit een handige positie voor een schip. Laat het schip maar lekker even drijven, ondertussen kun jij je klus klaren in geval van nood. Echt handig dus.

Ondertussen wakkert de wind steeds meer aan. De wolken worden ook dreigender en we strijken nu echt de zeilen. Daarna is de wind echt hard. We krijgen windstoten aanwakkeren tot windkracht 6 á 7. We moeten recht tegen de wind in en we gaan niet snel meer en uiteindelijk regent het ook nog eens enorm. Mijn bril is bijna niet meer doorzichtig. Bij de sluis van het Veerse Meer stopt het met regenen. We varen de sluis in en leggen weer volgens procedure aan. Naast ons komt er nog een enorme binnenvaarder liggen en nu lijkt de sluis toch best klein. Het verval in de sluis is iets meer dan 2 meter. We zakken dus een behoorlijk eind.

De sluis en brug gaan open en we varen met een behoorlijk heftige wind tegen naar de haven van Kortgene. De havenmeester is niet meer aanwezig dus we moeten zelf maar even een plekje zoeken. We gaan naast een motorjacht liggen. De eerste poging mislukt. De harde wind draait onze kop gewoon weg van het schip, ondanks het feit dat we volgens procedure vastliggen. Dan een tweede poging en dan liggen we goed. We leggen een voor- en achterspring en regelen de walstroom en dan kijken we terug op een schitterende dag zeilen.

We eten makkelijk (patat) en kletsen nog wat. Dan sluiten wij de ogen en morgen weer vroeg op.

We moeten vroeg opstaan. We gaan over zee naar Vlissingen en we willen natuurlijk de stroom mee hebben. We vertrekken om 8 uur richting de roompotsluis. Het regent een beetje (soms iets meer). Maar het mag de pret niet drukken. Na anderhalf uur varen zijn we dan bij de sluis. We hoeven niet te wachten. We gaan zo de sluis in.  Na de sluis zetten we het grootzeil en een eerste rif. Omdat dit voor ons de eerste keer op zee is kijken we een beetje de kat uit de boom.

P1000659Voor het eerst de zee op is toch echt heel leuk. Nu kijk je vanaf een bepaalde afstand naar het strand en zie je de kust eens op een heel andere manier. Als we voorheen op het strand stonden en dan iemand zagen zeilen konden wij ons eigenlijk niet voorstellen dat het leuk was op zee. Nu zijn we dus van mening veranderd.

Op zee zie je het weer echt goed aankomen. Wij varen het mooie weer tegemoet. Andere schepen varen het slechte weer in. En dan hebben we onze eerste zeezieke Floris. Het is een redelijke zeegang en als je dan onderin de kajuit zonder zicht op de horizon de hele tijd je concentreert op het DS-lite of iPhone schermpje dan is het bijna logisch dat je misselijk wordt. We horen Floris vragen om een emmer en we zijn er net op tijd bij. We nemen hem mee naar buiten waar hij nog een hele tijd geniet van het zeeziek zijn. Roger stelt voor dat hij gaat slapen, maar dat wil hij niet. Na een tijdje valt ie dan toch in slaap. Hij ligt lekker onder een kleedje en naast hem de emmer.

Dan krijgt ook Karel last van zeeziekte. Hij hoeft niet echt over te geven, maar een emmer is toch ook wel handig. Ook Karel ligt na een tijdje om de bank te slapen.

We kijken ook op de goudkust van Domburg. Leuke vakantiehuisje op het strand. Het levert ons in ieder geval een schitterende foto op.

P1000678

Om half twaalf varen we de Westerschelde op richting Vlissingen. We hebben ook nu de stroom weer mee en dat scheelt ons dus mooi in snelheid. Ook nu weer prachtige luchten en mooi zicht op de kust. Om één uur zien we Michiel de Ruijter staan bij het havenhoofd van Vlissingen. We varen richting de haven en leggen de boot met de kop in de wind en strijken de zeilen. We doen de standaard routines: Stootwillen uit de ankerbak, aan elke kant4 stootwillen op hangen, Achterlijnen klaarleggen, Voorlijnen klaarleggen en de dikke bertha ophangen aan de achterkant. We hebben contact met de havenmeester en krijgen te horen dat we in box 10 moeten gaan liggen. We varen ook nu weer de box iets voorbij. Zetten de motor in de achteruit en varen dan de box in. Teunie en Karel stappen dan af. Leggen de achterlijnen om de kikkers op de steiger . We trekken de lijnen strak met de lieren en komen zo vrij in het midden van de box te liggen. We leggen nog een achterspring en dan nog even de walstroom voor de nodige amperes. Al die apparaten die weer stroom verbruiken.

Omdat het ietwat een rommeltje is in de boot, pak ik even de stofzuiger. Ik zet de stofzuiger aan en na 1 minuut klapt de stroom eruit. Waarschijnlijk gebruiken we nu toch al te veel amperes. De jongens lopen naar de havenmeester en die geeft ons voor 1 euro in plaats van 6 ampere, 10 ampere. Ik ga weer verder met stofzuiger en ja hoor de stroom valt weer uit. De jongens weer naar de havenmeester. Oeps vergissing, wel gezegd van de 10 ampere, maar nog niet gedaan. Ik weer verder met stofzuigen. De stroom valt uit. De jongens weer naar de havenmeester. We betalen 1 euro 50 bij en dan hebben we 16 ampere. Het stofzuigen gaat weer verder. Wel een uitdaging stofzuigen op een boot. Maar uiteindelijk komt het dus goed.

Het is kermis in Vlissingen. We komen dus vol in het geluid van een kermis te liggen. En het is niet zomaar een kermis. Het is een joekel van een kermis. Het lijkt wel of heel Vlissingen is uitgelopen voor de kermis. We horen dat om half elf er vuurwerk wordt afgestoken. Ook hier staat weer heel Vlissingen op de dijk voor het Arsenaal. En dan begint het vuurwerk. Minstens 20 minuten wordt het ene na het andere mooie vuurwerk de lucht in geschoten. Het is prachtig om te zien. Vooral de dikke knallen waarmee het vuurwerk ontploft. Niet te filmen.

P1000717 P1000723

Na het vuurwerk lopen we nog even over de kermis en we kijken onze ogen uit en we kunnen lopen over de koppen van de mensen. Karel en Floris gaan nog in de Superstar, een reusachtig rondraaiend ding waar je helemaal door elkaar geslingerd wordt. Snap je toch niets van. Zeeziek worden van golven van 1-1.5m en dan wel gewoon in de Superstar te stappen. Daarom snap ik dus niets van zeeziekte.

We lopen met z’n allen richting de boot en gaan dan onder zeil. Morgen weer vroeg vertrekken, omdat we anders niet eerder dan rond 12 uur de haven weer uit kunnen in verband met laag water. Voor nu: welterusten.

P1000564 We zijn vroeg wakker, maar dat is dan ook het enige wat vroeg is. We moeten boodschappen. Echt een eind lopen. Helemaal om de haven en dan lijkt de supermarkt net een tropisch oerwoud. Het is maar wat je gezellig vindt. Ondertussen maakt Roger de boot mooi schoon en stofzuigt hij de hutten en de kussens.

Ondertussen vist Floris met een wasknijper aan een touwtje en een stukje spek naar krabben en het gaat best goed.

Het weer is redelijk goed en de voorspelde onweer zal volgens de weersberichten ook niet komen. Uiteindelijk varen we net voor twaalf uit de havenbox. In de havenkom hijsen we het grootzeil en leggen dan een reef. Er zijn wel windstoten voorspeld en dat hebben we gewoon teveel zeil.

Het is prachtig zeilweer en de dufour zeilt als de beste. Wat een magnifiek schip. Net te duur om zelf aan te schaffen, maar je zou het zo doen. We zetten de fok bij en dan begint de inhaalrace. We halen echt weer iedereen in met onze boot. Beetje arrogant, maar het is toch gewoon zo.

We moeten vandaag over het Grevelingenmeer weer terug naar Bruinisse waar de enige sluis ligt om van het Grevelingenmeer af te komen. We varen een beetje aan de wind als er plotseling een bruinvis naast onze boot opduikt. Teunie hoort het typische uitademgeluid en eigenlijk zijn we flink verbaasd dat wij hier in het Grevelingenmeer zomaar een bruinvis tegen het lijf lopen, En toch is het waar.

Voor de sluis van Bruinisse gaan we nog even aanleggen. Floris wil nog even zwemmen bij het strandje. Na een klein half uurtje is iedereen uitgezwommen en varen we de sluis in. De manier waarop we aanleggen is echt handig. We hebben zgn “dikke bertha’s”, hele grote ronde stootwillen. Je hangt deze dikke bertha achter aan het schip aan bv bakboord en legt dan de lijn om aan meren klaar. Je legt dan de achterlijn vast en de motor blijft stationair in zijn vooruit. Daardoor draait de boot vanzelf in alle rust naar de kant. De voorlijn kun je dan gewoon in alle rust gewoon vastmaken. In de sluis van Bruinisse krijgen we een compliment van de stewards die rond lopen in de sluis om mensen te begeleiden.

Na de sluis zetten we koers naar Zierikzee. We hijsen het grootzeil en de fok rollen we uit en dan varen we scherp aan de wind. We lopen iets meer dan 7 knopen op de Oosterschelde en we zijn in een vloek en een zucht bij de Zeelandbrug. We komen net op tijd voor de brug. We rollen de fok op en gaan dan gewoon zonder wachten onder de brug door. We zeilen nog een paar slagen op de roompot en gaan dan met de kop in de wind en strijken de zeilen. We varen het kanaal in naar de stadshaven van Zierikzee. We leggen weer voorbeeldig aan.

We eten spaghetti en lopen daarna naar het havenkantoor en door Zierikzee. Karel en Roger hebben de afwas gedaan en we zitten gezeillig in de boot te overleggen wat we morgen gaan doen. Het ziet er naar uit dat we naar Vlissingen gaan over de zee, maar we zien wel.

P1000522 We zijn rond 8 uur wakker. We trekken de tafel omhoog in de kuip. Het washok is wel erg ver lopen en zo kan het dan gebeuren dat we rond 9 uur aan het ontbijt zitten. Wat een luxe. Er staat een redelijk windje. De voorspellingen zijn voor de ochtend en een deel van de middag best goed. Daarna wordt er onweer, zware windstoten en hagel voorspelt.

We varen uit en moeten eerst een kleine reparatie uitvoeren aan de zeilen. Zo’n ‘karretje’ in de mast waar de zeilen aan vastzitten is afgebroken. Karel stuurt de boot mooi tegen de wind in . Roger en ik voeren de reparatie uit. Het is snel klaar.

We hijsen de zeilen en varen behoorlijk voor de wind. We zetten de bulle talie. Daarmee voorkom je een gijp. Handig zo’n lijn.We krijgen hier en daar nog wat handige tips van Roger. We varen zo’n 4 knopen en de zon brand lekker op onze huid. Ik zet de auto-pilot aan. Lekker makkelijk. De computer houdt het schip nu op koers. Je moet natuurlijk nog wel gewoon opletten, want de computer heeft geen ogen. Hij vaart gewoon recht zo die gaat.

Om één uur varen we het haventje van de archipel binnen. We varen erg rustig, omdat het er maar net iets meer dan 2.50m-3.00m diep is.Met onze diepe kiel van 2.20m komen we dan dicht bij de bodem. De stuurcomputer begint al behoorlijk geirriteerd te piepen. We vragen toestemming om naast een boot te mogen aanmeren en die toestemming krijgen we. We leggen de boot goed vast en doen dan eerst een rondje op het kleine eilandje.

Ook hier duiken we weer het Grevelingenmeer in. Het water is zo schoon dat je toch zo 1m-1.5m naar beneden kunt kijken. Ook de bodem is op sommige plekken al goed te zien. De wind trekt ondertussen iets aan en we gaan nu echt zeilen. We gaan nu echt goed schuin. We halen heel veel boten in . We kunnen echt goed scherp zeilen. De lange kiel doet zijn werk. Floris vindt het best een beetje eng en vraagt zich af waarom het gewoon niet rechtop kan. Roger laat zien dat je echt niet bang hoeft te zijn. Hij laat de grootschoot iets vieren en we liggen snel weer gewoon recht. Het helpt Floris een beetje. Het weer verandert erg snel. In de verte zien we hele donkere buien. We schatten in dat die buien aan ons voorbij trekken, maar dan krijgen we via de marifoon een waarschuwing te horen voor hevig onweer en zware windstoten tot 90 km per uur. We rollen de fok op en laten het grootzeil zakken. Nu de zeilen nog mooi droog zijn doen we ook de huik er maar vast op. Staat niet zo goed voor een zeilboot, maar natte zeilen is ook niet alles.

Ondertussen trekken we ook onze zeilpakken maar aan. En dan valt de regen met bakken uit de hemel. We varen om 17:00 uur een vluchthaven in om daar te schuilen voor het slechte weer.

P1000558

P1000559

P1000560 P1000561

Na een klein half uur heftige regen en onweer is alles weer voorbij. Het wordt weer lekker warm en na al die pakken, ook nu nog maar even zwemmen. En we zijn niet de enigen die zwemmen. Van diverse boten springen er mensen in het water. Ik praat gezellig met mijn buurman zeiler en wissel even wat informatie uit. Waar komen we vandaan, wat gaan we doen en wat steekt jullie boot diep. De vrouw in het water geeft als tip mee om er bij de volgende boot wel rekening mee te houden. Goede tip of toch niet. Een diepe kiel zeilt echt veel beter.

Na de regen varen we weer uit richting Port Zélande waar we om half acht aankomen. We roepen de havenmeester op, maar krijgen in eerste instantie geen gehoor. Daarna krijgen we een box. We varen achteruit de haven in en draaien dan langzaam de box in. We leggen de boot aan de vier lijnen en melden ons daarna bij de havenmeester. We blijken 25% korting te krijgen, omdat we gisteren in Bruinisse gelegen hebben. Mooie meevaller.

De jongens eten patat in de boot. Teunie, Roger en ik gaan lekker uit eten bij “Le Bateau”. Daarna nog even krabben vangen aan een touwtje. Beetje brood aan een touwtje en dan maar laten zakken. Karel en Floris vangen uiteindelijk allebei één krab. Eten we morgen krabburger bij SpongeBob.

P1000476 We zijn redelijk vroeg wakker. We eten gezellig met zijn allen aan de tafel. Om half tien lopen we naar het mooie vestingstadje ‘Willemstad’. We moeten even wat boodschappen doen bij de Jumbo. Willemstad is echt een leuk plaatsje. Als we weer terug komen is de schipper reeds aanwezig. Zijn naam is Roger (spreek uit Rodger). We gaan de hele week met hem door Zeeland zwerven met dit fantastische schip, een Dufour 40.

We hebben geen haast en pakken eerst de rubberboot in die naast ons in het water ligt. Nadat we de lucht eruit gelaten hebben moet ie in een soort van tas. Niet echt handig, maar na wat geklungel past ie er toch in. Dan nog het geknustel om hem in de bakskist te krijgen. Maar goed het lukt ons uiteindelijk. Krijgen we te horen dat de bodem ontbreekt en dat de bijbehorende buitenboord motor het ook niet doet. Dus de rubberboot kan van boord. Net als de buitenboordmotor. Moet ie dus weer uit de bakskist. Zo blijf je in beweging.

We moeten het water nog bijvullen en dan nog diesel tanken. Uiteindelijk varen we rond één uur voor het eerst uit met de Faro. We leren direct al een handigheidje om zonder veel trammalant en stress uit de box te varen.

We varen op het Hollands diep naar de Volkerak sluisen. De eerste van de vele sluizen die we vandaag nog tegen zullen komen. Na de Volkerak sluis varen we op de motor tegen de wind in richting van de Krabbersgat sluis. Daar moeten we toch redelijk lang wachten, maar het is wel gezellig. Na de Krabbersluis varen we dan op de Oosterschelde richting Bruinisse. In de sluis van Bruinisse liggen we weer met een aantal ‘bekenden’ van alle andere sluismomenten. Ook liggen er een behoorlijk aantal zeeverkenners. We gezellig altijd om te zien.

We varen rond half zeven de sluis uit. Voor ons vaart een zeeverkenner. We wijken iets te ver uit met als resultaat dat we vastlopen en ook niet een beetje maar echt. Roger zet de motor nog even flink in zijn achteruit, maar geen beweging meer in te krijgen. We melden ons met de marifoon bij de sluiswachter. Ondertussen komt er een jachtje aangevaren die ons wel wil proberen los te trekken. We hebben er niet veel vertrouwen in, maar goed we wagen een poging. Roger bedient de motor en het roer en wij staat met zijn allen zo ver mogelijk voorop de boot. Na één poging liggen we weer vrij van de grond. We zijn opgelucht. Alles lijkt het nog goed te doen en hebben we geen schade opgelopen. We varen nog een paar meter en dan liggen we in de super gezellige spiksplinternieuwe jachthaven van Bruinisse. De haven is nog in aanbouw, dus het is nog niet de gezellige haven die het over een paar maanden zal zijn.

Gelukkig heeft Teunie ondertussen het eten klaar en kunnen nadat we ons plekje gevonden hebben direct aanvallen. Want honger hebben we wel na zo’n dagje varen. Ondanks het feit dat we niet gezeild hebben, was het toch weer een prachtige dag op het water.

We hebben nog zin aan zwemmen en duiken in het grootste zoutwatermeer van Nederland. Blijft altijd een rare gewaarwording. Dat het water zout is.

We babbelen nog wat na en dan duiken we de kooien in. Op naar een mooie zeildag op het Grevelingenmeer.

Het is dan zover. De zeilvakantie in Zeeland gaat beginnen. We hebben de hele zondag de tijd om alles ingepakt te krijgen in de auto. We kunnen dus rustig aan doen. Om kwart over zes rijden we dan richting Willemstad waar we na bijna twee rijden aankomen. We gaan naar de haven “De batterij” en moeten ons melden bij de blokhut op de steiger. Eigenlijk zouden we pas maandag om 10 uur op de boot kunnen opstappen, maar na wat mailtjes vonden ze bij TipTop-Sailing het wel goed als we zondagavond aankwamen. De boot ligt er toch al was de reactie. Kwam ons dus wel mooi uit.

Het is echt een schitterend schip. De ‘Faro’ ligt mooi met de kont in de box. Lekker makkelijk opstappen en ook makkelijk met uitvaren.

P1000453 P1000458

We krijgen eerst van Paul-Michiel een korte rondleiding op de boot. HIj legt ons de dingen uit die handig zijn om de nacht door te komen. We lenen bij een buurman booteigenaar een twee euro munt en rijden dan met een karretje al ons spullen van de auto naar de boot. We hebben toch meer dan een uur nodig voordat we alles in de boot een plek gegeven hebben. De jongens krijgen samen een hut en Teunie en ik slapen samen met Floris in de punt van de boot. Om half twaalf trek ik de slaapzak aan. Het waait eigenlijk best wel heftig. De boot ligt behoorlijk te bewegen in de box.  Ik val als een blok in slaap. Morgen begint de zeilvakantie dan echt. Alhoewel dit begin al wel echt bij de vakantie hoort en ook zo voelt.